Toen ik klein was, hadden mijn ouders een caféetje. Heel gezellig. Het was een goede tijd, ondanks dat mijn ouders altijd aan het werk waren en mijn broer en ik veel alleen thuis.
Op m'n 9e werd mijn zusje geboren. Mijn ouders verkochten hun café. Mijn moeder ging op kantoor werken, mijn vader werd internationaal vrachtwagenchaffeur. Dat verdiende goed, maar had als consequentie dat hij bijna nooit thuis was.
Op mijn 14e ging mijn broer, na het behalen van zijn mavo-diploma, naar de marine. Mijn moeder vond het verschrikkelijk om haar zoon (lees: oogappel) door de weeks te moeten missen. Mijn vader was immers ook heel veel weg.
Om één of andere reden denkt mijn moeder alleen maar aan geld. Het is nooit genoeg. Mijn vader ging nog meer werken, zodat hij nog meer kon verdienen. Hij wilde dat ook zo, zodat zijn kinderen niets tekort zouden komen.
Ik kwam in de puberteit. Ik was een normale, gemiddelde puber met onzekerheden, eerste menstruatie en af en toe een puistje.
En daar ging het fout.
Mijn moeder voelde zich eenzaam. Ze zorgde voor mij en mijn zusje, maar had aandacht nodig van mijn vader. Tegelijkertijd wilde ze niet dat hij minder ging werken, want ieder dubbeltje werd omgekeerd. Het huwelijk van mijn ouders raakte in een dieptepunt.
Omdat mijn vader en mijn broer altijd weg waren en mijn zusje te klein, heeft mijn moeder al die jaren haar frustraties op mij afgereageerd. Kon ze geen positieve aandacht krijgen, dan schreeuwde ze maar om negatieve. Ik ben anders dan zij. Ik herinnerde haar aan mijn vader. In de ruzies die we hadden, riep ze dingen naar me die ik nooit meer zal vergeten. Bijvoorbeeld dat ik niet de dochter was die ze had willen hebben.
"Je bent precies je vader," blafte ze met enige regelmaat naar me. Ik ging geloven dat ze een hekel aan me had. De havo heb ik afgemaakt met het vooruitzicht op het studentenleven. Dan kon ik het huis tenminste uit.
Natuurlijk ben ik ook wel eens onredelijk geweest. Natuurlijk ben ik zelf ook wel eens uit m'n humeur en snibbig. Maar nog altijd begrijp ik niet dat mijn moeder me zo heeft kunnen behandelen. Om de paar weken was het raak en stond het huis te daveren door onze ruzie.
En ik begreep maar niet wat er aan de hand was. Waarom had mijn moeder een hekel aan mij? Waarom zegt ze met zoveel minachting dat ik op mijn vader lijk? Wat is daar mis mee dan?
Eind 2007 werd me alles duidelijk. Mijn moeder wilde van mijn vader scheiden en verder een leven opbouwen met de man die in haar kleutertijd haar beste vriend is geweest.
Ik stortte in. Ik voelde me schuldig dat ik mijn moeder ooit had leren msn'en. Ik voelde me zo rot voor m'n vader, want hoewel hij er bijna nooit is geweest, heb ik me altijd verbonden met hem gevoeld.
Mijn broer ging op reis naar Zweden. Voor 4 maanden. De man waarmee mijn moeder verder wilde, was een enorme twijfelaar; dan wilde hij wél zijn gezin verlaten voor mijn moeder en dan weer niet. Mijn moeder leed er erg onder en de wereld moest het weten. Het ene moment kon de radio niet hard genoeg staan, het volgende moment sloeg ze zo hard met de deuren, dat we bang waren dat al het glas uit het huis zou springen.
Het ging zelfs zo ver dat ze naar ons begon te roepen dat we weg moesten gaan als ze met haar nieuwe vlam zat te chatten en wij iets te dicht bij de computer kwamen (die middenin de huiskamer stond). Als wij eindelijk de kans kregen ons digitaal-sociale leven aandacht te geven, kwam ze wel met óns meelezen. Ze heeft zich ook een keer in de badkamer opgesloten om met haar vlam te bellen, zodat we niet konden meeluisteren. In die tijd waren er ineens heel veel gesprekken. Ik moest maar overal begrip voor hebben. Ik werd er zo moe van, dat ik maar knikte.
Omdat mijn broer (een ster in relativeren) weg was, kwamen mijn ouders om beurten bij mij uitjammeren. Eerst mijn vader met jemoederditenjemoederdat, daarna mijn moeder met jevaderditenjevaderdat. Daarbij vond ik het ook mijn taak om de rots in de branding te zijn voor mijn kleine zusje. In die maanden had ik het gevoel dat het gehele gezin op mij rustte.
Uiteindelijk werd mijn moeder het zat en heeft ze er een punt achter gezet. Ze heeft het contact met haar kleutertijdvriendje verbroken en ze is gescheiden van mijn vader.
In die turbulente tijden heb ik wel gesprekken gehad met een studentenpsycholoog, maar dat heeft eigenlijk niets geholpen. Er was iedere keer een uur gepland voor zo'n gesprek, maar de eerste driekwartier kletste hij vol met koetjes en kalfjes, om me het laatste kwartier over de rooie te helpen. Hij verdiende ze makkelijk, op die manier!
Nog steeds praten mijn ouders bijna nergens anders over dan over hun mislukte huwelijk en wat er allemaal fout was gegaan. Dat ben ik zo beu. In vakanties logeer ik bij mijn moeder. Het verwarrende is dat ze als moeder het helemaal niet slecht doet; ze zorgt goed voor ons. Alleen als mens kan ze soms compleet omslaan en ruzie zoeken om niets. Als dat gebeurt, ben ik in staat om mijn spullen te pakken en weer naar mijn eigen huis te gaan. Dan heb ik het gevoel dat ik te lang bij mijn moeder ben geweest. Dat ik maar beter weer weg kan gaan.
Door de scheiding van mijn ouders, moest ik mijn studie afbreken. Afgelopen september was ik aan een nieuwe studie begonnen, maar ook die wil niet vlotten. Mijn mentor behandelde me alsof er ikweetnietwat mis met me is. Alsof ik er helemaal niet thuishoorde. Ze heeft me zo gedemotiveerd, dat ik ook met die studie gestopt ben. Mijn moeder vindt het alleen maar zonde van het collegegeld dat ze betaald heeft.
Mijn vrienden doen het allemaal supergoed. Zijn geliefd, talentvol, succesvol, behalen diploma's, prijzen, worden beëdigd, gaan op reis. Ik ben blij voor ze, maar zeker de laatste tijd doet het me realiseren dat ik me al jaren ongewenst voel, dat ik al jaren het gevoel heb nergens bij te horen. Ik sta stil en weet niet waar ik naartoe moet. Ik wil zo veel doen in dit leven, maar het wil me niet lukken.
Suicidaal ben ik niet. Zelfmoord vind ik te makkelijk en de gedachte alleen al aan het verdriet dat ik mijn familie en vrienden zal doen, overtuigt me ervan dat ik mezelf niet de pijp uit wil helpen. Ik heb een voorbeeldfunctie voor mijn zusje en mijn gezin zal wegkwijnen van zelfverwijt en schuldgevoel als ik er een einde aan zou maken. Dat kan ik ze niet aandoen.
Ik zou alleen zo graag willen weten waar ik thuishoor.
Een afscheidsbrief bestaat eigenlijk uit dingen die je je naasten zou willen zeggen. In een afscheidsbrief is het alleen geklets achteraf en daar heb ik een hekel aan. Ik kan het ze beter nu zeggen.
Maar daarvoor ben ik niet sterk genoeg.
Let op: Zelfmoord.nl en Stichting LeefMee zijn geen onderdeel van Stichting 113 Zelfmoordpreventie. Wij verwijzen slechts naar hun website.
113 Zelfmoordpreventie is een Nederlandse stichting die zich richt op het voorkomen van zelfmoord. De stichting is 24 uur per dag bereikbaar voor suïcidale mensen met een hulpvraag, een verzoek om informatie of een luisterend oor. Mensen kunnen telefonisch contact zoeken vanuit Nederland op 113. Hulp wordt ook geboden per e-mail of chat, desgewenst volledig anoniem.